Het gazon

Een kostbaar grastapijt
 
Wie droomt niet van een zacht en dicht, intens groen tapijt, dat de planten, bloemen en bomen in de tuin nog beter tot hun recht laat komen? Voor het huis kan je je niks beters wensen op hete zomerdagen, want in tegenstelling tot om het even welk ander bedekkingsmateriaal warmt het gazon niet op onder de zonnestralen. Het gazon is een groene oppervlakte die een verstrooide waarnemer misschien voor vanzelfsprekend houdt, maar die daarentegen evenveel intensieve zorg en aandacht vereist als het kweken van planten of bloemen. Er moet zowel gestreden worden tegen de droogte (door te sproeien wanneer nodig) als tegen de overtollige neerslag (met een goede preventieve afwatering) en tegen woekerend onkruid of mos. Voorts moet je vermijden dat er steeds in bepaalde zones wordt gewandeld: als de hond altijd een bepaald traject volgt, wordt dat al snel een aarden pad. Vanuit technisch oogpunt bestaan er verschillende soorten gazons. In functie van het gebruik onderscheiden we drie types: het productieve grasveld (voor groenvoer, met hoog onkruid en brede en grote bladeren, niet esthetisch), het sportveld (voetbal, rugby enz.), het siergazon (in de tuin). Dit laatste type bestaat enkel uit gras met dunne bladeren en een dichte en compacte aangroei.

Wanneer moet ik zaaien?

In Noord- en Centraal-Italië is het beste tijdstip september, in de andere regio's oktober-november. Ook in de lente kan je zaaien, respectievelijk in maart-april en februari-maart.

Wat moet ik "eerst" doen?

Als het terrein vochtig is (bijvoorbeeld kleigrond) moet eerst en vooral gezorgd worden voor een goede afwatering; vervolgens moet de juiste basisbemesting worden uitgevoerd en moet onkruid worden verwijderd.

Wat moet ik zaaien?

Het zaad wordt meestal gebruikt in de vorm van een zaaimengsel. Om uit te maken welk zaaimengsel het meest geschikt is om een mooi gazon te verkrijgen, moet een chemische analyse van de grond worden uitgevoerd om de zuurtegraad, het kalkgehalte en de andere bestanddelen van de bodem te kennen. Voor de samenstelling van het mengsel zullen overwegend de meest geschikte zaden worden gebruikt. In de praktijk zou het personeel van gespecialiseerde winkels advies moeten kunnen verlenen over het meest geschikte mengsel, afhankelijk van de chemische en fysische bodemeigenschappen.

Hoe moet ik zaaien?

Op een windstille dag, met een licht vochtige bodem, hark je lichtjes het terrein waar op voorhand stenen en onkruid zijn verwijderd. Gewoonlijk wordt er 20 tot 30 gram per vierkante meter gezaaid: volg in ieder geval de instructies op de zaadverpakking. Om een gelijkmatige verdeling van het zaad te vergemakkelijken, kan je met koordjes parallelle zones afbakenen waarin je de juiste hoeveelheid zaait. Werk de zaden lichtjes onder door zorgvuldig te harken. Hou eventuele vogels uit de buurt door stroken zilverpapier of witte vodden op het terrein aan te brengen.

Is een "kant-en-klaar" gazon even goed?

Er is niks mis met het aanleggen van een gazon door het gebruik van graszoden (of grasrollen). De kostprijs is natuurlijk hoger en bij de aanleg moeten precieze regels worden gevolgd. De aanleg vindt plaats in september of februari-maart, om de graszoden de tijd te gunnen om nieuwe wortels te ontwikkelen voor de winterkou, of om hen meteen te laten groeien.

Wanneer moet ik bemesten?

Vergeet nooit dat het bemesten van een gazon even belangrijk is als de bemesting van elke andere zone of plant in de tuin. Het bemesten moet plaatsvinden in de lente om het groeiritme aan het begin van het seizoen te behouden. Indien de dikte van de grasmat verminderd is door hoge slijtage, worden speciale meststoffen gebruikt om het gazon te helpen ontwikkelen.

Hoe moet ik bemesten?

Meststoffen bestaan in korrels of als vloeistof. Korrels worden met de hand uitgestrooid (waarbij het gazon met koordjes in sectoren wordt onderverdeeld, voor meer precisie) of met speciale strooimachines. Vloeibare meststoffen wordt eerst opgelost in water en met een tuinspuit in fijne druppels gesproeid: dit is de beste vorm van bemesting.

Hoe wordt een gazon beoordeeld?

Eerst en vooral op de regelmaat van het groen, wat vaak moeilijk te bereiken is wanneer er reliëfverschillen of verzakkingen zijn. Daarna wordt gekeken naar de dichtheid, met andere woorden hoeveel grasstengels er op een bepaalde oppervlakte groeien; en natuurlijk ook naar de effenheid, met andere woorden de afwezigheid van graspollen die de effenheid van de oppervlakte verstoren. Tot slot mag er geen of weinig onkruidwoekering voorkomen. De aanwezigheid van mos is een ander (slecht) teken voor de gezondheidstoestand van het gazon.

Wat zijn de vijanden van het gazon?

Er bestaan verschillende soorten gazonmos, het zijn doorlevende planten en ze doen hun intrede wanneer de grond te schraal of te vochtig is. Mos verspreidt zich bliksemsnel door middel van sporen. De verschillende mossoorten verminderen de beluchting van de wortels van de grassprieten waardoor de regelmatige groei van het gazon verhinderd wordt. Om mos te voorkomen is het aangewezen om één- of tweemaal per jaar de grasmat te harken met een ijzeren hark en het terrein goed af te wateren. Woekerplanten, zoals vingergras, naaldaar en hanepoot verstoren de homogeniteit van de grasmat, net als de hoopjes aarde veroorzaakt door aardwormen (verwijder de aardkegeltjes door geregeld te vegen). Fusariose veroorzaakt gele kringen, doet het gras sterven en geeft soms aanleiding tot een witte schimmel; in dat geval moeten specifieke schimmelwerende middelen worden gebruikt.

Hoe verzorg ik het gazon?

Om een mooi uitzicht en een intense groene kleur te behouden, moet een gazon constant mechanisch worden gesnoeid met een grasmaaier. Het moet ook gerold en belucht worden. Bovendien moet het gazon frequent schoongemaakt en geharkt worden, en vrijgehouden van woekerend onkruid. Ook opduikende parasitaire of schimmelziekten moeten worden bestreden. Je moet ingrijpen als er zich slijtage, kale plekken of vervilting van de grasmat voordoet.

Hoe vaak en wanneer moet ik maaien?

Van in de lente moet het gazon geregeld gemaaid worden: er wordt aanbevolen om geregeld een beetje te maaien. Zo behoud je niet alleen een regelmatig oppervlak, door het materiaal beetje bij beetje te verwijderen voorkom je stress voor het gazon en worden oude of slechte stukken snel verwijderd. In de praktijk komt dat neer op eenmaal of – beter nog – tweemaal maaien per week.

Hoe moet ik maaien?

Het maaien van gras is uiterst belangrijk voor het onderhoud, veel belangrijker dan bijvoorbeeld het snoeien bij planten. Vermijd maaien wanneer het gras heel nat is. Lage snijmessen, haast op grondniveau, verzwakken de grasmat. Er wordt aangeraden om het gazon in stroken te maaien. Je gaat dus heen en weer in een bepaalde richting, waarbij je ervoor zorgt dat het mes een halve strook maait, met andere woorden dat de helft van het mes over het hoge gras draait en de andere helft over de reeds gemaaide strook. Op die manier hoeft de motor van de maaier niet te veel inspanning te leveren en hoef je ook niet te veel moeite te doen om te duwen. In droge periodes is het beter om het gemaaide gras ter plaatse te laten liggen, op voorwaarde dat het gazon vrij is van onkruid, dat anders zou profiteren van de vochtigheid. Grasmaaiers en zitmaaiers zijn nuttige hulpmiddelen voor moeiteloos en precies maaiwerk. Het volstaat om het model te kiezen dat het best beantwoordt aan je behoeften.

Hoe kan ik zo goed mogelijk maaien?

Eerst en vooral moeten de messen van de machine goed geslepen zijn en moet de snijhoogte zorgvuldig worden ingesteld: 3 cm in de lente en de herfst, 5 cm in de zomer. Opgelet, het gras mag ook niet te hoog worden gemaaid: als het lang geleden is sinds het gazon laatst werd gemaaid, mag je slechts de helft van de totale grashoogte afmaaien. Voor ideaal maaiwerk mag het niet te vochtig zijn en moet telkens van maairichting worden gewisseld. Regelmaat is echter het allerbelangrijkste: er is niks slechters dan ongeregeld en drastisch maaien.

 

Is het goed om elke dag te sproeien?

 

Goed sproeien betekent niet noodzakelijk veel sproeien. Er wordt bijvoorbeeld vaak verkeerd aangenomen dat het beter is om tijdens droge periodes dagelijks te sproeien. In werkelijkheid stimuleer je de groei van de wortels alleen in de bovenlaag van de grond, waardoor het gazon blootgesteld wordt aan verdroging en dehydratie. Eenmaal om de 4-5 dagen overvloedig besproeien zodat het water diep in de grond kan trekken, is meestal de beste oplossing. Bij de eerste tekenen van verkleuring of verslapping van het gras moet je evenwel intensief begieten.

Waarom moet het gazon belucht worden?

Het gras heeft licht en zuurstof nodig om te groeien en niet uit te drogen. Droge ophopingen aan de oppervlakte verhinderen dat de grond voldoende vochtigheid kan absorberen en maken de uitwisselingen van gassen en stoffen onmogelijk. Om die problemen te voorkomen moet het gazon minstens eenmaal per jaar (voor de winter) belucht worden. Het is beter om professionale machines, gazonbeluchters, te gebruiken. Hun messen maken kleine sneden in de grasmat waardoor het water en de voedingsstoffen gemakkelijker tot aan de wortels kunnen.
 
 
 
 

Bosmaaier, grasmaaier of zitmaaier?

De keuze van het meest geschikte toestel voor de verzorging van het gazon hangt voornamelijk af van de afmetingen, maar dat is niet alles. Het lijkt logisch om voor een afmeting van meer dan 2000-2500 m² een zitmaaier aan te bevelen, maar je kan er toch voor kiezen om zo'n gazon te voet te maaien, als vorm van lichaamsbeweging. De bosmaaier is bijzonder geschikt voor kleine en middelgrote percelen (tot 300 m²), mede dankzij zijn flexibiliteit: hij is ideaal om boorden te trimmen, maar ook om onkruid te verwijderen en het terrein vrij te maken van kleine struiken. Naast nylondraden kan je er immers ook andere snijmechanismen op monteren. Hij is bovendien onvervangbaar op oneffen of hellende terreinen, of op terreinen vol bomen en sierstruiken waar noch een grasmaaier, noch een zitmaaier doorheen kunnen.

Grasmaaiers: elektrisch, duwmodellen of zelftrekkers?

De grasmaaier is een van de meest verspreide tuinwerktuigen en is verkrijgbaar in talloze varianten om te beantwoorden aan alle behoeften. Voor zeer kleine tuinen bestaan er modellen in kunststof of ijzer die bijzonder licht en geruisloos zijn en gemakkelijk vertransporteerd en opgeborgen kunnen worden dankzij de inklapbare handgreep. De duwmodellen genieten de voorkeur voor beperkte oppervlakken, terwijl je met een zelftrekker minder moeite moet leveren in grote tuinen of op oneffen of hellende terreinen. Met grasmaaiers met een benzinemotor kan je gemakkelijk een oppervlak tot ongeveer 1200 m² bewerken, terwijl zelftrekkers tot 2000 m² aankunnen.

Met welke kenmerken moet ik rekening houden?

 
Naast het arbeidsvermogen (de snijbreedte in verhouding tot de te bewerken oppervlakte) moet je rekening houden met het type aandrijving (elektrisch of benzine), de startmethode (manueel of elektrisch), de tractie, het type maaihoogteregeling (elk wiel onafhankelijk ofwel gecentraliseerd met continue selectie), de toerenregelaar (om zich aan te passen aan alle soorten terrein en gras), de grootte van de opvangbak (om lange tijd zonder onderbreking te kunnen werken). Een belangrijk veiligheidsaspect is de snijmesrem, die het snijapparaat stopt ook wanneer de motor in werking is. Wielen op kogellagers garanderen een vloeiende beweging, ook op oneffen terreinen. Een in hoogte verstelbare handgreep biedt een uitstekend excuus om het hele gezin aan het werk te zetten.

Zitmaaiers

Een grasmaaier bewegen of voortduwen is een uitstekende oefening, maar voor oppervlakken van meer dan 2000 m² wordt een zitmaaier een voordelige keuze:
het snijoppervlak is gewoonlijk ongeveer 50% breder dan bij een gewone grasmaaier, en hij is twee keer zo snel. Dat betekent dat je je gazon in minder dan de helft van de tijd perfect kan maaien. Dankzij de beperkte draaicirkel is de zitmaaier uiterst wendbaar, ook in tuinen met bomen of vol sierstruiken.

Hoe kies ik een zitmaaier?

Van fundamenteel belang zijn het vermogen van de motor, de algemene stevigheid, gemakkelijk bereikbare bedieningsinstrumenten, een ergonomisch zitje en een snelle verstelbaarheid. Je kan best de zitmaaier uitproberen om de wendbaarheid en het gebruiksgemak te testen, maar ook de draaicirkel, het soort transmissie, mechanisch of hydrostatisch, waarmee je de koppeling en de snelheid met een enkel pedaal kan controleren. Je moet ook beslissen of je zijuitworp of achteruitworp van het gras verkiest, of de mogelijkheid om een mulchingkit te monteren. De meest geavanceerde modellen beschikken over een verklikker om aan te geven dat de zak vol is, boven elkaar geplaatste contraroterende messen, en led's op het dashboard waarmee je de toestand van de maaier en van de activiteiten constant kunt controleren.

Bosmaaiers, handig en flexibel

De bosmaaier vormt eigenlijk de geëvolueerde versie van de antieke zeis en het gebruik ervan is even instinctief. Het toestel bestaat uit een motorbehuizing met een handvat en een lange staaf die de beweging overbrengt op het snijapparaat dat aan het uiteinde gemonteerd is, meestal een snijkop met een nylondraad. Bosmaaiers zijn ideaal voor snijwerk en afwerking in de tuin. Maar dankzij de mogelijkheid om ook kunststof en stalen schijven te monteren, zijn ze ook geschikt voor meer professionele ingrepen waarbij gebieden worden gemaaid en gerevitaliseerd door heesters, riet, doornstruiken, struikgewas en kreupelhout te verwijderen. Voor ingrepen in lastige gebieden (hellingen, grachten) bestaan er ook schoudergedragen modellen.

En voor werkjes thuis?

Bosmaaiers geschikt voor "huishoudelijk" gebruik – schoonmaken van het gazon en afwerken van de boorden van de bloemperken – worden trimmers genoemd. Die benaming benadrukt de lichtheid en de precisie van de machine. Ze zijn verkrijgbaar met elektrische motor. De voordelen daarvan zijn de geruisloosheid, de lichtheid en de onmiddellijke inschakeling, maar je bent wel gebonden aan de voedingskabel. Er zijn ook modellen met benzinemotor, krachtiger, flexibeler, efficiënt op alle terreinen en volledig autonoom. Nuttige mechanismen zijn de “Primer” en de “Lift Starter” die voorkomen dat de motor 'verzuipt' en ook na lange periodes van stilstand garanderen dat de motor meteen aanslaat. Een goede bosmaaier biedt ook gemakkelijk toegang tot de luchtfilter, zonder dat je daarvoor gereedschap nodig hebt.
 

Praktisch is synoniem met veilig

Er wordt aanbevolen om het gras te maaien met stevig schoeisel (bij voorkeur snijbestendig, en steeds met sokken), een lange broek, handschoenen en een beschermingsmasker. Gepaste kleding bevordert de veiligheid en zorgt er ook voor dat we beter en dus sneller werken.
© 2002-2014 Bemak Benelux NV
Wenenstraat, 7 - 2321 Meer - Tel 0032 (0)3 6850773 - Fax 0032 (0)3 685 0843
| voorwaarden en bepalingen | credits | info@bemakbenelux.be | all right reserved | ddddddddddddddddd
XHTML